Nederland in een nieuwe wereld – De visie van Ruben Brekelmans

20  november 2023

Leestijd: ca. 12 minuten

Gastauteurs: Koenraad Aalders & Ian van Loon

Voor de tweede keer in korte tijd spreekt de redactie met Ruben Brekelmans, de #6 op de kieslijst van de VVD voor de Tweede Kamerverkiezingen. In Hotel de Leijhof in Oisterwijk doet Ruben een boekje open over zijn politieke motieven, de leukste herinneringen uit zijn JOVD-tijd en zijn huidige functie als Tweede Kamerlid. Wanneer is zijn aanstaande termijn geslaagd? “Binnen mijn huidige portefeuilles betekent dat een verlaging van de asielstroom, de huidige asielcrisis onder controle krijgen en dat Nederland zich beter beschermt tegen internationale dreiging van Rusland en China.”

Ruben, een tijdje geleden hebben we ook al gesproken voor de Driemaster. Toen hebben we eigenlijk weinig aandacht gegeven aan wie je bent. Vertel, wie is Ruben Brekelmans?

Ik ben op mijn zeventiende actief geworden bij de JOVD, toen ik nog op de middelbare school zat. Mijn vader had toen net een eigen onderneming, dat was zijn grote droom. In die periode brak in Amerika de internetcrisis uit en spatte de wereldeconomie in één keer uit elkaar. Ik vroeg mij toen af waarom een economische crisis in de Verenigde Staten zoveel invloed had op ondernemers als mijn vader. Toen heb ik twee dingen besloten: economie sturen in Tilburg en politiek actief worden bij de JOVD. Ik wist van mijzelf dat ik liberaal was, vandaar de keuze voor de JOVD. Mijn toenmalige en eigenlijk nog steeds huidige drijfveer is Nederland beschermen tegen crises van buitenaf.

Je geeft aan liberaal in hart en nieren te zijn, ook in jouw jeugd. Is dat nog een zoektocht geweest?

Nee, eigenlijk niet. In mijn jeugd merkte ik hoe blij ik was dat mijn ouders mij veel vrijheid gaven om te doen en laten wat ik wilde. Bijvoorbeeld studeren in Tilburg, maar later ook Londen en Boston. Bij sommige vrienden zag ik die vrijheid veel minder, dat opende mijn ogen wel. In de politieke arena stond de VVD in 2006 nog wel voor een tweestrijd tussen Mark Rutte en Rita Verdonk. Ik was toen alleen lid van de JOVD, in afwachting daarop. Toen Mark Rutte won, wist ik: ‘Dit is mijn VVD’.

Als Rita Verdonk de strijd om het lijsttrekkerschap had gewonnen, zat je nu dan ergens anders?

Dat weet ik niet. Als ik nu terugkijk, dan zie ik dat partijen over tijd best verschoven zijn in het politieke spectrum. Ik voelde me toen al erg thuis bij de VVD van Mark Rutte. Het is nu moeilijk in te schatten hoe de VVD er anders uit had gezien als hij geen lijsttrekker was geworden. Ik weet wel dat ik Mark Rutte realistischer vond en bereid was om met andere partijen compromissen te sluiten. Iemand die verantwoordelijkheid durft te nemen. Daarvoor moet je samenwerken met andere partijen. Daar wilde en wil ik nog steeds een bijdrage aan leveren.

In de chronologie zitten we nog steeds in jouw JOVD-tijd. Hoe actief ben je geweest bij de JOVD?

Ik ben altijd actief geweest bij Hart van Brabant, waar ik uiteindelijk ook tweeënhalf jaar in het afdelingsbestuur heb gezeten. Het laatste jaartje als voorzitter. Ik ben niet landelijk actief geweest. Dat was omdat ik toen twee studies wilde doen en ook geïnteresseerd was in andere activiteiten in Tilburg. Ik wilde vooral niet te afhankelijk van politiek zijn, want dan heb je alleen de politiek om op terug te vallen. Daarom ben ik toen ook gaan werken voor BCG en later voor de overheid.

Wat is de leukste herinnering aan de JOVD? En wat zou je de huidige JOVD’ers meegeven?

Dat ik als penningmeester een heel jaarverslag moest maken en vervolgens door twee oud-bestuursleden volledig op de grill werd gelegd. Dat ging natuurlijk helemaal nergens over. Dat was denk ik een langere vergadering dan dat ik ooit bij de VVD heb meegemaakt. Daarna zijn we natuurlijk nog wel de stad ingegaan om biertjes te drinken en sigaren te roken. Dát is voor mij de JOVD, die combinatie van iets te overdreven politiek spelen en daarna gezelligheid.

De belangrijkste les voor de huidige generatie is misschien een beetje simpel: nieuwe ideeën aandragen. Als ik naar mijn huidige portefeuilles buitenlandse zaken en asiel  kijk, dan is er echt een behoefte aan verfrissende ideeën. Tijdens de JOVD, of als je nog studeert, krijg je echt de tijd om dieper na te denken over dat soort thema’s. Als je eenmaal werkt, dan regeert de waan van de dag. Neem daar dus echt die tijd voor, want dat is voor nu en in je latere carrière enorm nuttig. 

“In de politieke arena stond de VVD in 2006 nog wel voor een tweestrijd tussen Mark Rutte en Rita Verdonk. Ik was toen alleen lid van de JOVD, in afwachting daarop. Toen Mark Rutte won, wist ik: ‘Dit is mijn VVD’.”

Genoeg over de JOVD. Tijd om door te stappen naar de VVD. Wat waren jouw beweegredenen om die overstap te maken?

Na mijn studietijd heb ik als consultant bij BCG veel sectoren gezien, waaronder de NS, de publieke omroep en banken als ABN Amro. Ik merkte echter dat echte grote keuzes uiteindelijk in de politiek worden gemaakt. Een soepeler of strenger asielbeleid wordt bepaald door de Tweede Kamer. Ik had altijd al het gevoel dat ik daar ook mijn steentje wilde bijdragen. Verder vind ik het ook enorm leuk om bezig te zijn met politieke debatten. Binnen de VVD ben ik vooral betrokken geweest in de internationale hoek, dus bij het Thematisch Netwerk Internationaal. Vanuit die rol groeide ik steeds verder door in de partij.

Op dit moment sta je op plek zes van de kieslijst van de VVD. Ervan uitgaande dat een nieuw kabinet zonder de VVD niet mogelijk is én er geschoven gaat worden in portefeuilles: ben jij te porren voor een ministerschap of fractievoorzitterschap?

Ik vind wat ik nu doe ontzettend leuk en voor mijn gevoel nog ontzettend kort. Ik zou het enorm leuk vinden om dat te blijven doen. Het is nu niet het moment om over iets anders te speculeren.

Wij proeven daar uit dat jouw tijd in de Tweede Kamer niet per se geslaagd is als je een bepaalde functie bekleed. Wat maakt jouw Kamerlidmaatschap dan wel geslaagd?

Uiteindelijk wil ik resultaat boeken. Binnen mijn huidige portefeuilles betekent dat een verlaging van de asielinstroom, de huidige asielcrisis onder controle krijgen en dat Nederland zich beter beschermt tegen internationale dreiging van Rusland en China. De wereld verandert op dit moment naar een tijdperk waarin imperialisme een meer centrale rol begint te spelen. Als Nederland hebben we moeite om die realiteit te onderkennen, maar een land als China biedt wel een structurele bedreiging voor onze welvaart en veiligheid. 

“Ik vind wat ik nu doe ontzettend leuk en voor mijn gevoel nog ontzettend kort. Ik zou het enorm leuk vinden om dat te blijven doen.”

Een goed moment om jouw portefeuilles stuk voor stuk te behandelen. Allereerst migratie, daar is immers het kabinet over gevallen. Het huidige credo van de VVD is: ‘Ruimte laten, grenzen stellen’. Hoezo is dat na dertien jaar niet-waargemaakte verkiezingsbeloften nu ineens wel geloofwaardig?

Dat wil ik graag nuanceren. Bij de vorige migratiecrisis in 2015-2016 kwamen er enorme aantallen asielzoekers naar Nederland. Het was toen de VVD die een plan had klaarliggen, namelijk: Plan Azmani. Mark Rutte heeft de deal met Turkije gesloten om dat uit te voeren. Toen is de instroom echt fors omlaag gegaan, volgens mij een factor tien. Het beeld dat de VVD nooit iets heeft gedaan tegen de instroom klopt dus in mijn ogen niet.

Na die Turkijedeal heeft de VVD op iedere mogelijke manier gepleit om meer van dat soort migratiedeals te sluiten, zodat het Europese migratiesysteem goed blijft functioneren. Het ingewikkelde is wel dat je voor dat soort deals afhankelijk bent van landen buiten Europa met hele andere belangen én 26 andere lidstaten die elk hun eigen opvatting over asiel hebben. Als Nederland kun je dus niet dit soort keuzes alleen maken.

Kijken we verder naar het beleid van de afgelopen jaren, dan vertoont het beleid een soort ‘accordeon-effect’. Het ene moment wordt de capaciteit van het COA uitgebreid, daarna weer ingeperkt om vervolgens weer uitgebreid te worden. Wanneer gaat Den Haag echt eens proactief handelen op migratie?

Kijk je puur naar de cijfers, dan hebben we zeker na de piek van 2016 te snel afgeschaald. Een deel van de afgeschaalde opvang was van tijdelijke aard zoals vakantieparken en sporthallen. Dat zijn geen locaties die je tien jaar lang voor asiel wil inzetten. Een paar plekken zijn echter te snel afgeschaald. We hebben toen de les getrokken dat we het in de toekomst anders moeten doen, onder andere door buffercapaciteit aan te houden. Daar ben ik ook voorstander van. De instroom is sinds corona echter zo hoog, dat we nu al 60.000 plekken nodig hebben. Als we niks doen, stijgt dit alsmaar verder. Daar is geen enkele buffer effectief tegenover te zetten. De aantallen moeten écht omlaag.

Asiel is natuurlijk niet de enige vorm van migratie. Sterker nog, het vormt zo’n 20-25% van de totale migratie. Het grootste deel is volstrekt legale migratie, veelal economisch. Die migratie legt de meeste druk op onze sociale voorzieningen, bijvoorbeeld door fiscale voordelen. Waarom zegt de VVD daar zo weinig over?

Kijk, als VVD zeggen we “Grip op migratie” in brede zin, dus naast asiel ook arbeidsmigratie en internationale studenten. Het aantal internationale studenten is bijvoorbeeld vier keer hoger dan in mijn studententijd. Los daarvan, vind ik wel dat we onderscheid kunnen maken tussen verschillende groepen migranten. Een Syrisch gezin vraagt meer van de sociale voorzieningen dan een Poolse gastarbeider die hier vijf jaar komt werken en weer teruggaat. Wat natuurlijk wel zo is, is dat iedereen die hierheen komt een dak boven zijn hoofd moet krijgen, ondanks de huidige woningnood. Daarom willen we als VVD ook grip op arbeidsmigratie. Als er bijvoorbeeld een bedrijf zich hier vestigt en alleen maar gebruik maakt van arbeidsmigranten, dan moeten we ons afvragen of dat wenselijk is. Ook voor de lokale gemeenschap waar het bedrijf zich vestigt.

Ik vind wel dat de kennismigranten die jullie aanstippen broodnodig zijn voor onze economie. Een bedrijf als ASML concurreert met de meest innovatieve bedrijven uit landen als China en de Verenigde Staten. Als ASML dat wil volhouden, dan hebben ze de slimste mensen in de wereld nodig. Als Nederland moet je aantrekkelijk genoeg blijven voor dat soort bedrijven en ook ruimte bieden om mensen daarvoor aan te trekken.

Uiteindelijk moet je dat wel kunnen uitleggen aan de normale Nederlander. Tja, het is goed voor de economie om kennismigranten aan te trekken, maar ‘what’s in it for me?’

Dat soort bedrijven zorgen natuurlijk voor werk bij allerlei toeleveranciers. Het mkb in een groot deel van het oosten van Brabant is toeleverancier van Philips, van ASML en andere grote bedrijven. Die bedrijven hebben ook weer allerlei bedrijvigheid daaromheen. Vertrekt een ASML naar het buitenland, dan verliezen we natuurlijk veel werkgelegenheid.

“Het beeld dat de VVD nooit iets heeft gedaan tegen de instroom klopt dus in mijn ogen niet.”

Helder verhaal. Misschien is het een goed moment om een overstap te maken naar uw andere portefeuille: buitenlandse zaken. In het bijzonder Israël-Palestina. Op dit moment hikken we tegen de achtduizend Palestijnse doden (ten tijde van het interview – red.) aan door de aanhoudende Israëlische luchtcampagne. Het kabinet blijft bij haar standpunt dat Israël zichzelf moet en mag verdedigen. Waarom durft de VVD geen voorwaardelijkheid te stellen aangaande wat toelaatbaar is?

Dat ben ik niet met jullie eens. We hebben Israël er bijvoorbeeld meteen op aangesproken dat het humanitaire goederen moest toelaten tot Gaza. We dringen bij alle gesprekken die het kabinet met de Israëlische zijde heeft erop aan om terughoudend te zijn in de reactie. We hebben aangedrongen op terughoudendheid met het maken van burgerslachtoffers, het naleven van het humanitair oorlogsrecht en proportioneel te handelen. Juist doordat Nederland betrekkingen heeft met zowel de Israëlische als Palestijnse zijde hebben we de mogelijkheid om een kritisch gesprek te voeren. Dat is bijvoorbeeld anders dan een land als België, dat voor de recente VN-resolutie over het conflict stemde. Die landen voeren geen gesprekken met Netanyahu en Abbas.

Maar laten we wel eerlijk zijn, wordt er daadwerkelijk geluisterd naar Nederlandse bezwaren? Niet alleen onze bezwaren trouwens, ook die vanuit Washington en de Verenigde Naties.

Ik vind dat je niet zo makkelijk kan stellen dat Israël geen rekening houdt met onze bezwaren. Natuurlijk is ieder burgerslachtoffer verschrikkelijk. Als je kijkt naar de recente cijfers, dan heeft Israël ongeveer 1.1000 bombardementen uitgevoerd, waarbij het aantal slachtoffers rond de 10.000 ligt. Dat is verschrikkelijk, maar als Israël lukraak diezelfde 11.000 bommen had gegooid op Gaza, dan was het slachtofferaantal vele malen hoger geweest.

Wat we ons verder afvragen is de politieke vervolgstap in dit conflict. Het Israëlisch-Palestijns conflict in de huidige vorm is al 75 jaar oud. De huidige verstandhouding is op zijn slechtst in decennia. Hoe kijk jij hiernaar?

Het is heel moeilijk om de geschiedenis in een paar zinnen samen te vatten. Wel is het zo dat Israël is gesticht als veilige plek voor Joden, omdat Joden overal ter wereld werden vervolgd en vermoord. Voor het eerst in lange tijd staat dat onder druk vanwege de aanval van 7 oktober. Als Israël de veiligheid van haar burgers wil verzekeren, dan kan Hamas in zijn huidige vorm niet blijven voortbestaan. Wat er wat mij betreft moet gebeuren is dat Hamas fors wordt verzwakt, zodat zij niet langer degenen zijn die in Gaza de scepter zwaaien. Daarna is een toenaderend gesprek mogelijk. Daarbij zullen óók een hoop dingen aan Israëlische zijde anders moeten, zoals de nederzettingenpolitiek op de Westelijke Jordaanoever en het garanderen van een humaan bestaan voor Palestijnen in Gaza. Hoe pijnlijk en moeilijk het ook is, men kan niet verder met Hamas aan het roer in Gaza. Als VVD blijven we bij ons standpunt voor een tweestatenoplossing met een volwaardige Palestijnse staat, maar ook een veilig Israël voor het Joodse volk.

Die mening delen we, maar mag Hamas vernietigd worden tegen elke prijs?

Nee, want er zijn grenzen gesteld binnen het humanitair oorlogsrecht en door het beginsel van proportionaliteit.

Laten we tot slot doorgaan naar die andere brandhaard: Oekraïne. De media hebben veel aandacht besteed aan het toen nog aanstaande offensief van de Oekraïners. Op een paar kleine terreinwinsten in de Zaphorizjha en Donetsk Oblast na is er weinig terechtgekomen van dit offensief en het raspoetitsaseizoen breekt alweer bijna aan. Hoewel deze oorlog voortvloeit uit Russische imperialistische ambities, heeft het Westen dit conflict aangegrepen als proxy-oorlog tegen Rusland…

Nee. We hebben dat niet aangegrepen voor iets. We hebben aangegeven Oekraïne te willen helpen zichzelf te verdedigen. Er staat meer op het spel, want de dreiging van Rusland houdt niet op bij de grens met Oekraïne. Dat hebben de Russen ook vaak en duidelijk gezegd. Als we deze oorlog zouden toestaan op Europees grondgebied, dan heeft dit enorme ramificaties voor de Europese veiligheid in bredere zin. Het is niet zo dat Europa of het Westen zat te wachten op een moment om de confrontatie met Rusland aan te gaan.

Maar als we nu een eerlijke analyse maken over de voortgang van het conflict: het conflict duurt voort en aan beide zijden worden soldaten door de gehaktmolen heen gehaald. Dat is de gruwel van oorlog. Wat zou volgens jou het moment zijn waarop Nederland diplomatiek moet ingrijpen om een dialoog te openen voor vredesonderhandelingen?

Zoals de oorlog zich nu ontwikkelt, is het aan Oekraïne om aan te geven wanneer onderhandelingen gestart moeten worden. Dat is het simpele antwoord. Zowel vanuit de Oekraïense politiek als uit de peilingen onder haar bevolking blijkt dat er vrijwel geen animo is om land af te staan aan Rusland. Dan vind ik niet dat we vanuit Nederland of het Westen Oekraïne kunnen dwingen om aan tafel te gaan met de Russen. Ik wil niet te veel speculeren, maar mocht het zo zijn dat Rusland verder dan Oekraïne overgaat tot militaire dreigingen, dan kan onze eigen veiligheid ook op het spel komen te staan. Tot die tijd is het aan Oekraïne om aan te geven wanneer er over wordt gegaan op onderhandelingen.

Vind je wel dat het Westen een verantwoordelijkheid heeft om te zoeken naar een vreedzame oplossing? Oekraïne zal daar niet vanzelf mee komen…

Uiteindelijk wel natuurlijk. Als Oekraïne ons vraagt om daarin iets te betekenen, dan doen we dat graag. Oekraïne heeft al een tienpuntenplan voor vrede opgesteld. Daarin hebben ze per punt aan het Westen gevraagd om hierin het voortouw te nemen. We doen dat bijvoorbeeld op het gebied van “accountability”, omdat we in Den Haag het Internationaal Strafhof hebben. Dus terugkomend op jullie vraag, natuurlijk moeten we Oekraïne daarin ondersteunen. De vraag is alleen of we moeten aandringen op concessies. Dat vind ik nu niet aan ons, aangezien Oekraïne degene is die vecht.

In Nederland zien we de publieke opinie ten aanzien van dit conflict. De steun voor Oekraïne is op bepaalde momenten onder druk komen te staan. Hoe zie jij dat?

Nou kijk, ik meen dat de steun voor Oekraïne nog steeds breed is. In ieder geval politiek. Als politici hebben we de verantwoordelijkheid om die steun breed te houden, ook al staat Oekraïne misschien niet meer op de voorpagina van alle kranten. Wat ik nu vooral zie, is dat Nederland relatief veel militair materieel heeft geleverd en dat niet de resultaten heeft opgeleverd die we hadden verwacht. Er is eigenlijk geen plan voor het vervolg: hoe gaan we ervoor zorgen dat Oekraïne dit volhoudt, zowel qua munitie- als wapenproductie. Nu zie je dat Europa wel in staat is om veel te betekenen voor Oekraïne, maar een transitie naar een oorlogsindustrie of -economie krijgen we niet voor elkaar. Dat vind ik zorgwekkend.

Ben je dan van mening dat Nederland eigenlijk moet investeren in een eigen wapenindustrie?

Ik vind dat we daarin veel meer zouden moeten doen. Alleen dat moet wel in samenwerking met andere landen. In ons eentje heeft dat namelijk vrij weinig zin. Ik merk dat in eigenlijk heel Europa wel meer wordt gedaan, maar het opzetten van nieuwe productielijnen en de aanbouw van nieuwe fabrieken komt tergend langzaam op gang. Ik ben heel bang dat volgend jaar iedereen een tekort heeft. Dat is een groot risico voor onze veiligheid.

“Juist doordat Nederland betrekkingen heeft met zowel de Israëlische en Palestijnse zijde hebben we de mogelijkheid om een kritisch gesprek te voeren.”

Namens de Driemaster willen we je hartelijk danken voor je tijd. Onze laatste vraag: zijn er dingen die je graag nog gezegd wil hebben?

Als ik dit gesprek zou willen samenvatten, dan zien we eigenlijk dat het aantal internationale dreigingen en problemen zich opstapelt. We hebben migratie besproken, waarbij Syrië nog steeds de belangrijkste instroom voor Nederland blijft. Dat is een conflict dat al twaalf jaar gaande is, en het lost zich niet op. Daar komen eigenlijk alleen maar meer conflicten en oorlogen bij. We hebben een hoop conflicten niet eens besproken, zoals in Afrika en Nagorno-Karabach. We zullen ons als Nederland en Europa moeten realiseren dat we in een andere fase zijn beland en dat we ons primair moeten richten op hoe we onszelf beschermen in een stuk van de wereld waar we wél veilig en vrij zijn. Dat vraagt meer investeringen in defensie, een andere economie en economische relaties, strengere bewaking van de grenzen, migratiedeals, noem maar op. Het is een agenda waar we toe gedwongen worden en dat vraagt een andere buitenlandpolitiek.

Author

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *