Column Maarten Philipsen: Het doel is goed, het middel minder: Waarom een bestaansmaximum een slecht idee is

1 september 2023

Leestijd: ca. 3 minuten

Auteur: Maarten Philipsen

In de afgelopen maanden loop ik steeds vaker tegen onderzoeken aan die aantonen dat geld niet gelukkig maakt wanneer je boven een bepaald inkomen of vermogen komt. Deze verschillende onderzoeken zijn gedaan door gerenommeerde economen waaronder de Nobelprijswinnaar Daniel Kahneman. De uitkomst van deze onderzoeken stelt dat de levenstevredenheid niet omhoog gaat wanneer je meer dan 4500,- euro netto verdient per maand of zo’n 58.000,- euro per jaar. Als gevolg van deze onderzoeken zijn veel mensen gaan pleiten voor een bestaansmaximum, omdat dat de logische stap lijkt om gelijkheid te bevorderen en welvaart te kunnen garanderen. Deze stap heeft echter ook negatieve gevolgen voor onze economie en welvaart. Het klinkt nobel en rechtvaardig, maar eigenlijk is een bestaansmaximum een heel slecht idee.

Het bestaansmaximum is in principe een extreme versie van de progressieve vermogensbelasting die we nu kennen in Nederland. Bij reguliere progressieve belasting betalen de hogere inkomens procentueel meer dan de lagere inkomens in de samenleving. Bij een bestaansmaximum moet de belastingbetaler boven een bepaalde grens honderd procent van het bruto-inkomen afdragen aan de overheid. Deze grens zou volgens Dick Timmer, politiek filosoof en limitarist, moeten liggen op 2,2 miljoen euro aan vermogen.

Het is allereerst belangrijk om te begrijpen dat een groot deel van de economische groei in Nederland veroorzaakt wordt door grootverdieners. Dit komt doordat economische groei hoofdzakelijk wordt veroorzaakt door een groei in productie. Door de markteconomie zijn zij de drijfveer van alle soorten innovatie en stijging in productiviteit. Met een bestaansmaximum is er geen prikkel meer om veel te willen verdienen, wat ons een ongunstige concurrentiepositie ten opzichte van het buitenland zal bezorgen. Dit beïnvloedt onze economische groei enorm en zal ook een algehele daling in welvaart veroorzaken.

Met een bestaansmaximum is er geen prikkel meer om veel te willen verdienen, wat ons een ongunstige concurrentiepositie ten opzichte van het buitenland zal bezorgen

Het uiteindelijke doel van een bestaansmaximum is het verlagen van het aantal mensen dat chronische stress ervaart door geldproblemen. Een bestaansmaximum is hier alleen niet de juiste oplossing voor. Er is namelijk geen reden meer om een hoger vermogen te vergaren dan het maximum. Je kan je geld nog beter in een rivier gooien dan op je rekening laten staan, bij wijze van spreken. De belastinginkomsten van de overheid zullen dus dalen. CEO’s krijgen in Nederland bijvoorbeeld geen bonus meer, wat momenteel al voor vijftig procent belast is. Dit geld zal in het bedrijf blijven zitten of in het buitenland terechtkomen, het komt in ieder geval niet bij de overheid terecht.

Je kan je geld nog beter in een rivier gooien dan op je rekening laten staan, bij wijze van spreken

Als liberaal word ik ook wel een beetje geraakt door het idee van een bestaansmaximum. De overheid neemt, boven een grens, namelijk voor honderd procent de controle over het geld dat verdiend is door iemand anders. Laten we streven naar een maatschappij waarin men wordt aangemoedigd om te ondernemen en waar men zelf keuzes kan maken over zijn vermogen. 

Author

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *